Navigatie overslaan

Geldzaken

Miljarden vliegen ons om de oren. Maar waar geven we ze aan uit?

De afgelopen tijd vliegen de miljarden ons om de oren. Het kabinet wil de begroting voor de komende jaren rond krijgen en daarbij worden grote financiële keuzes gemaakt. Een opvallende keuze komt van minister Karremans van Infrastructuur. Het kabinet trekt maar liefst €18 miljard uit voor het onderhoud en de vernieuwing van verouderde bruggen, wegen, sluizen en andere infrastructuur.

Dat achterstallig onderhoud moet natuurlijk worden aangepakt. Een brug of sluis die aan het einde van zijn levensduur is, kun je niet eindeloos blijven uitstellen. Maar het geld moet ergens vandaan komen. En daar begint het te wringen.

Waterkwaliteit en droogte krijgen de rekening

Om deze miljardeninvesteringen te kunnen betalen, wordt ook geld weggehaald bij andere projecten. Zo wordt honderden miljoenen euro's gekort op programma's voor verbetering van de waterkwaliteit en het tegengaan van droogte.

Dat is wat Water Natuurlijk betreft een verkeerde keuze.

De waterkwaliteit in Nederland staat er al slecht voor. Tegelijkertijd wordt het steeds duidelijker dat droogte geen tijdelijk probleem is, maar een structurele uitdaging die door klimaatverandering alleen maar groter wordt. De afgelopen zomer, met extreme hitte en droogte, ligt nog vers in het geheugen.

Juist dan zou je verwachten dat Nederland extra inzet op schoon en gezond water en op het vasthouden van water. In plaats daarvan wordt er nu op deze programma's bezuinigd. Daarmee komen ook de doelen van de Kaderrichtlijn Water (KRW) verder onder druk te staan. Terwijl 2027 als deadline steeds dichterbij komt.

Je kunt niet steeds zeggen dat waterkwaliteit en klimaatbestendigheid belangrijk zijn en vervolgens bij financiële tegenwind als eerste daar het mes in zetten.

Ook waterveiligheid vraagt zekerheid

Ook binnen het waterschap was er tijdens de Verenigde Vergadering van 7 oktober financieel nieuws dat zorgen oproept.

Heemraad Rijsdijk meldde dat Nederland zich heeft verplicht om in 2050 aan nieuwe wettelijke normen voor waterveiligheid te voldoen. Rijk en waterschappen hebben in 2025 ieder €1,25 miljard toegezegd voor deze gezamenlijke opgave. Maar van de toegezegde rijksbijdrage is op dit moment nog geen zekerheid over €250 miljoen.

Daar komt bij dat het Rijk de zogenoemde kasschuifmethode van de waterschappen blokkeert. (Bij een kasschuif kan de overheid geld eerder of later gebruiken dan gepland zonder het totale budget te veranderen.) Daardoor kunnen de waterschappen met extra kosten worden geconfronteerd en kan ook de programmering van projecten onder druk komen te staan. Gelukkig blijven de lopende projecten binnen het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP) doorgaan.

Dat neemt niet weg dat stabiele en langdurige afspraken over de financiering van waterveiligheid noodzakelijk zijn. Het is moeilijk om plannen voor tientallen jaren te maken als de financiële spelregels tussentijds veranderen.

Waar leggen we de prioriteiten?

De financiële werkelijkheid is simpel: geld kun je maar één keer uitgeven. Juist daarom moeten we goed nadenken over onze prioriteiten.

Achterstallig onderhoud aan bruggen en sluizen aanpakken is noodzakelijk. Maar schoon en gezond water, voldoende water in droge perioden en bescherming tegen overstromingen zijn dat ook. Sterker nog: deze opgaven worden door klimaatverandering steeds urgenter.

Water Natuurlijk vindt daarom dat waterkwaliteit en klimaatbestendigheid niet de sluitpost van de begroting mogen worden. We moeten juist investeren in de problemen die op ons afkomen. Niet pas wanneer het water letterlijk aan de lippen staat.

Dat vraagt niet alleen om mooie woorden en ambitieuze doelen, maar vooral om structureel geld en politieke keuzes die daarbij passen.

Mirjam de Neef

Deze website maakt gebruik van cookies voor een optimale gebruikersbeleving. Lees onze cookieverklaring