Waterbeheer vraagt bundeling van krachten
Water Natuurlijk bundelt met Groen Links, PvdA, D66 en Volt de krachten voor een toekomstbestendig waterbeheer.
Bermen, slootkanten en oevers lijken soms reststroken in het landschap. Plekken langs wegen, dijken en watergangen die vooral netjes bijgehouden moeten worden. Maar als je goed kijkt, liggen hier kansen voor natuurherstel en biodiversiteit.
Bermen en slootkanten zijn ontzettend belangrijk. Het zijn plekken waar bodem, water en leven elkaar raken. En daarom is de manier waarop we maaien veel belangrijker dan vaak wordt gedacht.
De afname van biodiversiteit is inmiddels breed wetenschappelijk onderbouwd. Wereldwijd staat de natuur onder druk door verlies van leefgebied, intensief landgebruik, vervuiling, verdroging en klimaatverandering. Ook in Nederland zien we dat terug. Bloemrijke graslanden zijn zeldzamer geworden, insectenpopulaties staan onder druk en veel soorten vinden steeds minder voedsel, schuilplaatsen en verbindingen door het landschap.
Een belangrijk onderdeel van waterbeheer is schoon water. Als we praten over schoon water denkt Water Natuurlijk aan gezonde oevers, sterke ecosystemen en een leefomgeving waarin planten en dieren weer ruimte krijgen. Juist waterschappen beheren veel van de groene en blauwe lijnen in het landschap: sloten, oevers, kades, dijken en onderhoudsstroken. Als die ecologisch worden beheerd, ontstaat een netwerk van leven.
Daarom is de actuele discussie bij Waterschap Hollandse Delta over ‘Anders maaien 2026’ juist zo relevant. Vanaf augustus 2026 moet het waterschap het maaionderhoud van sloten en slootkanten aanpassen vanwege aangescherpte landelijke regels. De nieuwe Gedragscode Soortenbescherming bij bestendig beheer en onderhoud, die sinds 1 april 2025 geldt, geeft regels en handvatten om beheer en onderhoud uit te voeren binnen de Omgevingswet, met als doel flora en fauna beter te beschermen.
Dat klinkt misschien technisch, maar in de praktijk gaat het over heel concrete keuzes. Mag er nog geklepeld worden? Hoe breed moet een sloot worden gemaaid? Wat blijft er staan? Waar kan een maaikorf worden gebruikt? Wat gebeurt er met het maaisel? En hoe zorgen we dat waterafvoer, onderhoud en biodiversiteit niet tegenover elkaar komen te staan?
Juist daar ligt de kern. Maaien is nodig. Zonder beheer groeien sloten dicht, neemt de waterafvoer af en kunnen veiligheid en landbouw in de knel komen. Maar te strak, te vaak of op het verkeerde moment maaien kan enorme schade veroorzaken aan planten, insecten, amfibieën, vogels en kleine zoogdieren.
Door intensief te klepelen blijft er weinig ruimte over voor leven. Elke maaibeurt is in zekere zin een aanslag op leefgebied. Dat betekent niet dat we moeten stoppen met maaien. Het betekent dat we beter moeten maaien.
Ecologisch bermbeheer is geen nieuw idee. Piet Zonderwijk liet al decennia geleden zien dat maaien en afvoeren kan bijdragen aan soortenrijkere bermen. Door maaisel niet te laten liggen, verschraalt de bodem langzaam. Daardoor krijgen bloeiende kruiden meer kans en ontstaat er meer variatie. En waar bloemen terugkomen, volgen insecten. Waar insecten zijn, vinden vogels, vleermuizen en andere dieren voedsel.
Het verschil zit vaak in de details. Niet alles in één keer maaien, maar gefaseerd. Niet standaard klepelen, maar kijken waar maaien met afvoer mogelijk is. Niet elke rand kort houden, maar delen laten overstaan als schuil- en overwinteringsplek. Niet alleen denken vanuit efficiënt onderhoud, maar ook vanuit ecologische waarde.
In bermen en slootkanten waar je alles kort houdt, blijft weinig structuur over. Waar je kruiden, randen en ruigere plekken de tijd geeft, zie je langzaam meer leven ontstaan. Biodiversiteit ontstaat niet alleen door inzaaien of aanplanten, maar vooral door consequent beheer in de jaren daarna. Wat laat je staan? Wat voer je af? Wanneer grijp je in? En waar durf je de natuur ruimte te geven?
Daarmee raakt bermbeheer direct aan de politieke keuzes. Want ‘anders maaien’ is niet alleen uitvoering. Het is ook een visie op het landschap. Zien we sloten en bermen alleen als technische objecten die functioneel beheerd moeten worden? Of zien we ze als onderdeel van een levend watersysteem?
Natuurvriendelijke oevers passen in datzelfde denken. Ze bieden ruimte aan waterplanten, insecten, vissen, amfibieën en vogels. Ze verbeteren de overgang tussen land en water en kunnen bijdragen aan waterkwaliteit. Maar de aanleg of aankoop van oevers is kostbaar geworden. Dat vraagt om slimme keuzes: benut bestaande gronden beter, werk samen met gemeenten en grondeigenaren, verbind groenbeleidsplannen met waterschapsbeheer en kijk waar onderhoudsstroken ecologisch meer kunnen betekenen.
De zorgplicht binnen de Omgevingswet onderstreept dat dit geen vrijblijvende keuze is. Wie werkt in de leefomgeving, moet rekening houden met gevolgen voor planten en dieren. Voor een waterschap betekent dat: onderhoud blijft nodig, maar moet zorgvuldig worden uitgevoerd. Niet alleen omdat het moet van de wet, maar omdat het past bij goed waterbeheer.
Waterschap Hollandse Delta beheert duizenden kilometers aan sloten en slootkanten. Als daar anders wordt gemaaid, heeft dat grote invloed op het landschap. Natuurlijk vraagt dat om goede communicatie met agrariërs, inwoners en aannemers. Natuurlijk moet waterafvoer geborgd blijven. En natuurlijk moet beheer uitvoerbaar zijn. Maar kortgezegd, ecologie hoort niet achteraf in het beheer, maar vanaf het begin.
Biodiversiteit gaat niet alleen over grote natuurgebieden of nieuwe projecten, maar ook over dagelijkse beheerkeuzes. Over de berm langs de weg. De slootkant achter het erf. De dijk waar bloemen mogen bloeien. De oever waar niet alles tegelijk wordt gemaaid.
Bermen en slootkanten zijn levenslijnen door het landschap. Daarom moeten we niet naar onderhoud kijken als een puur technische taak, maar als kans om waterveiligheid, waterkwaliteit en biodiversiteit met elkaar te verbinden.
Door: Sander Langendoen
Water Natuurlijk bundelt met Groen Links, PvdA, D66 en Volt de krachten voor een toekomstbestendig waterbeheer.
Water natuurlijk voorzitter op de Zuid-Hollandse eilanden viel in de prijzen. Voor een bomvolle zaal met vooral ondernemers kreeg Joost Kievit de Social Impact Award van De Maatschappij voor Nijverheid en Handel, departement Hoeksche Waard uitgereikt.
Met schrik en verdriet nemen wij afscheid van onze ambassadeur Marjan Minnesma, die velen inspireerde met haar inzet voor klimaat en duurzaamheid.
Boek gratis een lezing 'Waterschap en onze Leefomgeving'
Lees er hier meer over!Deze website maakt gebruik van cookies voor een optimale gebruikersbeleving. Lees onze cookieverklaring