Brief aan Tweede Kamer
Op 15 januari stuurde minister Barry Madlener (Infrastructuur & Waterstaat) een brief naar de Tweede Kamer, vergezeld door een reeks rapporten over het waterveiligheidsbeleid. De belangrijkste uitkomst is dat het aantal te versterken kilometer dijk naar beneden is bijgesteld; van 2.000 naar 1.400 kilometer. Ondanks deze verlaging, blijft er wel meer budget nodig dan tot nu toe is geraamd.
HWBP
Het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP) wordt voor de helft door de waterschappen betaald en voor de helft door het Rijk. Voor HWBP-projecten is er in de periode 2030-2036 circa € 2,5 miljard extra nodig voor dijkversterkingen. Op 13 december 2024 hebben de waterschappen de minister laten weten de helft van dit bedrag te gaan bijdragen, zodat dijkversterkingen niet stagneren. Dit brengt een lastenverzwaring met zich mee van de watersysteemheffing van waterschappen met ongeveer 10 procent in 2050. Voorwaarde is wel dat de minister er voor zorgt dat het Rijk zich in de Voorjaarsnota committeert aan dit bedrag. Op 26 november nam de Tweede Kamer unaniem een motie aan waarin de regering wordt verzocht prioriteit te geven aan het Rijksdeel van de financiering (eveneens € 1,25 miljard).
Bijstelling van 2.000 naar 1.4000 km
Uit de Kamerbrief blijkt dat de verwachte dijkversterking tot en met 2050 is bijgesteld van 2.000 naar 1.400 kilometer. Ook is een schatting gemaakt van de kosten die hiermee tot en met 2050 gemoeid zijn. Deze schatting heeft een grote bandbreedte, namelijk tussen de 14 en 23 miljard euro. De waterschappen pleiten bij het Rijk voor een langetermijnperspectief en een tijdige verhoging van het Deltafonds.
Bron: Notitie ‘effecten extra kosten HWBP en PGEB op lastendruk waterschappen’