Kaderrichtlijn water en de waterketen
Ook in de waterketen speelt de Kader Richtlijn Water (KRW) een belangrijke rol. Daarom is er een presentatie gegeven door de organisatie over de gevolgen van de KRW op de waterketen. Omdat dit onderwerp menig zaken binnen het waterschap raakt, zal het onderwerp eerst langs andere commissies gaan om ook daar de gevolgen inzichtelijk te maken voordat er pas in mei een stuk dat om besluitvorming vraagt richting het Algemeen Bestuur zal gaan.
Voor de waterketen is in ieder geval van belang dat er; strengere lozingsnormen geformuleerd moeten worden; er gevolgen zullen zijn voor de rioolwaterzuiveringsinstalaties (RWZI); en lozingen op rijkswater.
Bij de lozingsnormen hangen een aantal belangrijkste keuzes boven de organisatie, maar hier is vooral van belang dat er gekeken moet worden naar welke methode toegepast zal worden wanneer deze normen worden opgesteld. Hierbij betreft het emissie toetsing, welke juridisch duidelijke richtlijnen kan geven en een sterke basis vormt. Hierbij zal dan een transitie plaats moeten vinden omdat de huidige manier van meten enkel focust op het voorkomen van achteruitgang. Ook is een nadeel aan deze methode vooral lokaal effect meet, wat goeie informatie is maar geen duidelijk beeld geeft van de effecten van individuele bronnen. De Peter Schipper Methode, een methode die scherpe lozingseisen teweegbrengt, inzichtelijk kan maken welke bron welke reductieopgave waar zal moeten maken, maar als enorm nadeel geen juridische verankering kent. En tot slot een watersysteemanalyse dat vooral een hulpmiddel is voor het stellen van eisen omdat het een beeld geeft van welke gebiedsfactoren een rol spelen.
Om te helpen bij het formuleren van lozingsnormen loopt momenteel een toetsing bij het RWZI Baarle-Nassau met als doel om een goed dossier te vormen wat gebruikt kan worden voor onderbouwing van de lozingsnormen. Jammer genoeg loopt er vertraging op de planvorming omdat er andere onduidelijkheden spelen, vooral omdat er nog geen landelijk aangenomen vastgestelde methode is. Momenteel probeert de organisatie i.i.g. een aantal ondeugdelijkheden weg te nemen door naar de kosten van elke methode te kijken en bij de besluitvorming met afgewogen keuzes van lozingsnormen pet RWZI te komen.
Wij zullen als fractie vanzelfsprekend alert blijven op het belang van het voldoen aan de KRW doelen en dat het waterschap inzet om zover als mogelijk toekomstbestendig te handelen. Dit onderwerp is beoogd om op 13 mei 2026 vervolg te krijgen in het AB.
PFAS en de waterketen
Als antwoord op de aangehouden motie van onze fractie en de fractie van natuurterreinen afgelopen december over PFAS is er een presentatie gegeven over de PFAS problematiek en in hoeverre wij ruimte hebben als waterschap om hier invloed op te hebben.
Hoewel voor velen die dit lezen wel duidelijk is wat PFAS is, toch een korte samenvatting. PFAS is een enorme groep van chemische stoffen die voor eeuwig in het milieu zitten zodra ze daar terecht komen. Dit komt in grote mate omdat ze geen “natuurlijke” oorsprong kennen. Ze bestaan in grote getallen omdat ze handig zijn in de productie van vele gebruiksvoorwerpen. Veel onderzoek loopt nog over de exacte gezondheidseffecten, maar over het algemeen zijn ze toxisch en hebben het nadeel dat omdat ze niet natuurlijk afbreken ze opstapelen.
Als waterschap zitten wij in een breed speelveld dat hierin een rol speelt. Deze kunnen in drie categorieën worden opgebroken. Het voorkomen, hierbij moet gedacht worden aan onze invloed op de Nederlandse wetgever, of de unie van waterschappen, waarbij wij kunnen lobbyen voor wetgeving die de productie kan verbieden of kaderen. De bronaanpak, denk hierbij aan de omgevingsdiensten die invloed hebben op lozingen, maar ook onderzoek naar bron herleiding in samenwerking met andere opsporingsorganen. En tot slot de End-of-pipeline oplossingen, waar wij direct proberen zaken uit het water te filteren die erin terecht zijn gekomen.
Laat duidelijk zijn dat de laatste categorie de meeste zekerheid geeft, maar ook meteen het duurst is en betekend dat de PFAS überhaupt al in het water heeft gezeten. Het liefst voorkomt met natuurlijk zaken, maar hierbij zijn wij zeer afhankelijk van externe organen. In het AB leeft een breed sentiment om i.i.g. zoveel als mogelijk in te zetten om druk te zetten op organen die invloed hebben op het voorkomen.
Gedurende deze presentatie is een grote hoeveelheid informatie losgekomen over wat er allemaal speel top verschillende niveaus en welke kansen en hindernissen we hebben op verschillende lagen van aanpak. Als je hierin geïnteresseerd bent of meer wilt weten, mail dan aub de fractie, wij lichten graag meer toe of kunnen extra informatie toezenden.