Navigatie overslaan

Beleid verondiepen diepe plassen

In ons werkgebied Vechtstromen zijn er twee diepe plassen waarin grond (zand, bagger) wordt gestort. Dit kan zand zijn dat vrijkomt vanwege aanleg van woonwijken of wegen, maar ook baggergrond (vanuit ons waterschap). De twee diepe plassen zijn Schippersplas en Goorsche Veld. (Zie update 2026 onderin bericht).

Vanuit Schippersplas hebben omwonenden inmiddels drie keer ingesproken bij het Algemeen Bestuur om hun zorg te uiten over eventuele lozingen met vervuilde grond. Dit is aanleiding geweest om het Dagelijks Bestuur te verzoeken om beleid te ontwerpen over het verondiepen van diepe plassen. 

Op 12 november stond dit op de agenda voor de commissie opgavegericht.

De ervaren problematiek bij het verondiepen wordt deels veroorzaakt door ingewikkelde regelgeving waarin bestuurslagen eigen verantwoordelijkheden hebben en soms ook belanghebbende zijn. 

Het waterschap en Rijkswaterstaat zijn verantwoordelijk voor de kwaliteit van water en lozingsvergunning. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor ruimtelijke ordening en zijn bevoegd gezag voor (her)bestemming en inrichting van de plas. En provincie is kaderstellend voor natuur- en wateropgaven en is verantwoordelijk voor ontgronden.

Daarnaast is besluitvorming vaak gericht op één diepe plas geïnitieerd door een initiatiefnemer. Hierdoor vraagt het vaak om maatwerk hoe hiermee om te gaan. Allerlei factoren spelen een rol in het verlenen van de lozingsvergunning. Ook is controle een belangrijk issue. En dan hebben we het nog niet gehad over de communicatie met en creëren van betrokkenheid van omwonenden en belangenorganisaties. 

Een deel van het algemeen bestuur Vechtstromen is op 23 september op werkbezoek geweest bij de twee locaties in ons gebied. Dit werkbezoek gaf duidelijk aan hoe verschillen kunnen ontstaan. De strakke organisatie en werkwijze bij Goorsche Veld gaf vertrouwen, terwijl bij Schippersplas wantrouwen is ontstaan bij omwonenden. Dit vraagt om extra aandacht en extra afspraken maken. Tijdens de commissievergadering was er ook een oproep om te kijken op welke wijze Staatsbosbeheer opgeroepen kan worden om kennis te nemen van de werkwijze bij Goorsche Veld.

Ook blijkt dat het hebben van een goed en transparant omgevingsproces belangrijk is om duidelijk te maken hoe omwonenden en belangenorganisaties worden betrokken en kunnen participeren. Fractie Water Natuurlijk is nieuwsgierig hoe het participatiebeleid van Vechtstromen daarin tegemoetkomt. 

Het voorstel van het Dagelijks Bestuur is om extra randvoorwaarden, voorschriften te stellen aan eventuele aanvragers. Dit heeft geleid tot extra beleidsuitgangspunten boven op de wettelijke kaders. Ook staat te lezen in het voorstel aan het Algemeen Bestuur dat Vechtstromen overleg met de provincies wil om een kader op te stellen waardoor er meer afstemming en eenduidigheid in de verschillende verantwoordelijkheden gaat ontstaan. Vanuit de staatssecretaris is onlangs een brief verstuurd waarin de problematiek in dit dossier wordt erkend. Deze brief wordt naar de AB-leden verstuurd.

Fractie Water Natuurlijk is het eens met de geformuleerde beleidsuitgangspunten uit het besluit, maar we hebben echter kritiek geuit op de vorm en de formulering. Yvonne Boxem – Klein gaf namens Water Natuurlijk aan dat het besluit moet zijn dat we beleid vaststellen (in plaats van instemmen) en dat we een eigen beleidsnotitie misten. 

Bij navraag bleek het rapport van Antea Group gedefinieerd te zijn als beleidsnotitie van Vechtstromen. Het rapport is te veel generiek opgeschreven. Formuleringen zoals ‘het waterschap kan’ zou specifiek moeten zijn: ‘wij als Vechtstromen hebben vastgelegd dat’. 

Wij hebben de portefeuillehouder verzocht dit aan te passen voor de vergadering van het AB op 26 november 2025. Meerdere fracties ondersteunden ons hierin. De portefeuillehouder heeft de toezegging gedaan om met een eigen beleidsnotitie te komen. We hebben daarbij aangedrongen om voldoende tijd te nemen om een adequate beleidsnotitie voor te leggen. Inmiddels is duidelijk dat dit niet lukt voor 26 november 2025 en dat het weer geagendeerd gaat worden voor een andere AB-vergadering in 2026.

Update n.a.v. AB 4 februari 2026

Op 4 februari 2026 is tijdens de AB vergadering het beleid voor verondiepen van diepe plassen vastgesteld. De voorbereiding heeft een lang traject gehad. Het onderwerp is namelijk complex door de verschillende rollen, bevoegdheden, taken en verantwoordelijkheden van de verschillende betrokken partijen. Om die reden is dit ook enkele keren in de commissie aan de orde geweest. Op ons verzoek is het beleid opnieuw opgeschreven, er is een werkbezoek aan de locaties georganiseerd, insprekers hebben inbreng gehad en we hebben een uitvoerige beantwoording van onze technische vragen ontvangen. 

Diepe plassen ontstaan als gevolg van afgraving (ontgronding). Hiervoor is de provincie bevoegd gezag. Het waterschap is in dit traject aangewezen als adviseur maar dan specifiek voor de hydrologische effecten. 

Als vervolgens een initiatiefnemer een aanvraag doet om de plas te mogen verondiepen dient het waterschap het verzoek voor een vergunning in behandeling te nemen en als aan de voorwaarden wordt voldaan deze af te geven. Het waterschap is vervolgens verantwoordelijk voor toezicht en handhaving. Er is in een eerder stadium al gevraagd om nadrukkelijk afstemming te zoeken met de provincie om een nadrukkelijker kader te krijgen voor de start van diepe plassen. Dit wordt opgepakt door de portefeuillehouder.

De situatie is dat er twee diepe plassen zijn in ons gebied van Vechtstromen en hiervoor geldt op dit moment een overgangsrecht. De verwachte oplevering (afronding) is rond 2032 of 2034. Met de komst van de Omgevingswet dient een nieuwe vergunning te worden aangevraagd per 1-1-2027.  Dit geeft ons als waterschap de mogelijkheid om extra voorwaarden/criteria te stellen aan de aanvrager. Deze extra vergunningscriteria geven ons de kans om zo maximaal onze rol en onze verantwoordelijkheid te waarborgen. De fractie Water Natuurlijk heeft echter nog wel enkele zorgpunten en deze hebben we ook ingebracht.

Bij de twee ondiepe plassen in ons gebied is duidelijk verschil in de communicatie en de relatie met omwonenden. Bij de Schippersplas is tussen Staatsbosbeheer en de omwonenden geen goede start geweest en is er veel onrust ontstaan. Ook het feit dat er een gedeelde (met Asfaltcentrale) toegang tot het terrein is, leidt niet tot voldoende vertrouwen of er voldoende toezicht en handhaving kan worden uitgevoerd. Overigens gelden bij beide plassen dezelfde procedures en eisen voor het verondiepen. 

Als fractie zijn we blij met de toezegging van de portefeuillehouder dat hij (ook al is dat niet onze verantwoordelijkheid) extra contact gaat zoeken met Staatsbosbeheer om de communicatie met omwonenden te verbeteren.

Ook juichen wij een integrale benadering toe. Bij het verondiepen gaat het namelijk ook over onze rol voor toezicht en handhaving en over kosten. Om onze rol beter te kunnen uitvoeren zou het bijvoorbeeld helpen om het terrein van de Schippersplas af te sluiten door een extra toegangshek te plaatsen. Dit wordt in de gesprekken met Staatsbosbeheer meegenomen.

Tenslotte hebben we nogmaals gevraagd om een legesverordening op te stellen. Wij hebben al in een eerder stadium aangegeven hier voorstander van te zijn. De verantwoordelijke portefeuillehouder heeft aangegeven dat hier inmiddels een start mee is gemaakt. We wachten het voorstel af.

Fractie Water Natuurlijk/ Yvonne Boxem

Deze website maakt gebruik van cookies voor een optimale gebruikersbeleving. Lees onze cookieverklaring